Ik ben een cijferfreak, dat wist je al.
Mijn twee hobby’s - zijnde lopen en vissen – worden nauwkeurig bijgehouden.
Noem het minutieus.
Obsessief.
Ik interpreteer het als ‘controlerend’.
Laten we – om te beginnen - mijn eigenste visserij even kort doorlichten.
(er lezen immers ook – hongerige - vissers mee…)
Op vandaag kwamen er in 2009 110 karpers op de kant.
Vier ervan waren projectspiegels.
Verder wist ik reeds 97 terugmeldingen op de site te plaatsen. Wat een succes mag genoemd worden. Vlaanderen jaagt massaal op projectspiegels! Een tendens die me tevreden stemt.
Daarnaast durfde ik in het huidige kalenderjaar al eens de looppantoffels aantrekken.
Ook hier werd/wordt alles nauwkeurig bijgehouden.
Op vandaag ben ik zeven kilometer verwijderd van de ‘vijftienhonderd kilometer grens’
(die ik vorig jaar op een haar na miste)
Verder werden club- trainings- en wedstrijdkilometers opgesplitst.
(zie onderaan iedere posting)
Dit als inleiding.
Waar ik heen wil…
Momenteel ben je stille getuige van de honderdste post op dit bedreigde blogje.
Een jubileumeditie, als het ware.
Ik dacht… laten we er iets moois van maken.
Een resumé, een schets, een overzicht, een toelichting, een ‘je weet wel wat’ bijdrage.
Terugblikken dus. Mogelijks ook een stukje vooruitblikken.
We zien wel waar het klaviergespartel een serene dood treft.
Mag ik jullie – figuurlijk weliswaar – eens terug meenemen in de tijd?
We schrijven (typen) vijf januari. De start van een eindige blog.
Oorspronkelijk werd de stekker kortelings na 13 september uitgetrokken. Dit was thans de opzet.
Doel bereikt… Einde verhaal.
Jullie weten intussen wel beter…
Ik helaas ook.
2009 vliegt voorbij.
Parallel aan de kilometers onder mijn voeten.
Het voorjaar verstrijkt, zonder hoogvlieger(s).
De zomer doet zijn of haar intrede.
Feest in Oostkamp (10km onder de 40min).
Podium in Wingene.
30 augustus. Een training zoals er zovele zijn. Niks bijzonders.
Rustig kilometers malen, rustig tempo. Weektotaal opdrijven.
Slechts dik twee weken (van afbouwen) voor de marathon.
Dat wordt oogsten, denk je dan.
Eén bocht. Eén verrekking…
Het mocht niet.
Het kon niet.
Zomaar.
Plots.
Bam.
Weg.
Afscheid.
Geen droom.
Zelfs geen troostprijs.
Een bittere pil om slikken.
In één klap een jaar om zeep.
Een jaar dat volledig ik het teken stond van…
Van iets dan niet mocht zijn. Ineens voorbij. Alles…
Alles voor niks, weggegooide moeite. Honderden kilometers.
Maar niet voorgoed. Ik keer terug, reken maar. Doelen dienen gehaald!
En toen (september) stapte ik Decathlon binnen.
Terstond kocht ik er zo’n (knie)steunverband.
Het kleinood zat in een kartonnen verpakking, samengehouden door een zwart elastiekje.
Als een klein kind gooide ik de verpakking open, en deed gemakshalve het elastiekje rond mijn pols.
Na een kleine test bleek het verband als gegoten te zitten.
Richting kassa, en verkocht! Gekocht, met andere woorden. (met een ander woord, om precies te zijn)
’s Avonds, toen ik in bed stapte, bemerkte ik opnieuw het zwarte elastiekje rond mijn pols.
“zie mij hier nu zitten” dacht ik nog. “ik draag begot al een rouwbandje, zo triest is het” flitste er door mijn weemoedig hoofd.
Weet je wat?
Ik houd dat rouwbandje om tot de dag dat ik opnieuw tien kilometer kan lopen zonder pijn.
Dagen, weken, trainingen vlogen voorbij.
Versnellingen gooiden tot tweemaal toe roet in het eten. Terugkerende pijn.
Sinds een drietal weken is er hoop.
Ik loop weer zonder pijn. Tot max. 9 km. Mijn gekende lusje.
Het zwarte elastiekje bleef dus de hele tijd deel uitmaken van mezelf.
Het werd mijn vriend, we kregen een band. Onlosmakelijk werden we met elkaar verbonden. Zag je het elastiekje, dan zag je mij. En omgekeerd. We vormden een team, perfect op mekaar ingesteld.
Wou ik eigenlijk nog wel wat het ‘bandje’ af? Ging ik het wel redden zonder mijn elastiekje?
Niet één keer hadden we de nacht apart doorgebracht, niet één keer was ik zonder ’t bandje de voordeur uitgegaan.
Vriend, ik ga je missen!
Een gedenksteen werd overwogen.
Een ode, noem het een eerbetoon werd opgemaakt.
U leest het momenteel!
Zal mijn leven straks nog wel hetzelfde zijn?
Geen elastiek, geen evenwicht.
Het flexibele karakter van mijn elastiekje was een bron van inspiratie voor mezelf. Geen vast stramien, maar rekbaar in de meest ondenkbare omstandigheden.
Op de keeper (lees niet: doelman) beschouwd blijft het een simpel attribuut. Miljoenen zijn er gemaakt, in zijn soort.
Ik mocht dus gerust wat relativeren…
Dinsdagavond zou ik er komaf mee maken. Ik zou die 10km grens doorbreken. Bij voorkeur zonder pijn. Zoniet, bleef het ‘rekkertje’. Mijn stilgehouden vriend.
Het was na zevenen toen ik thuis kwam. Donker dus.
Grote toeren waren uitgesloten, te weinig straatlicht. Dan maar rond de kerk.
Ik had rondjes ter mijner beschikking van 3.1 en 2.8 kilometer.
Aanvatten met 3.1km. Relaxed, alle tijd. Twintig minuten deed ik erover.
Al joggend werd de verdere planning opgemaakt. Ik zou er nog drie van 2.8 bovenop doen, op voorwaarde dat er geen pijn of ongemak de kop opstak.
Na mijn eerste 2.8 rondje ervaarde ik een ‘slap’ gevoel. Het was van ’s middags geleden dat ik gegeten had, mogelijks was dit de oorzaak! Vlug even gestopt en een fles aquarius opengetrokken. Ik had er nog een voorraadje staan, die normaliter ‘13 september’ als doel hadden…
De suikers deden hun werk, en zorgden voor een verlossende opleving.
Genieten was het. Ik liep op reserve. Emmers energie. Overschot.
Een fijne gedachte dat de ‘uithouding’ nog steeds in flinke mate in m’n lijf zit. Snelheid daarintegen…
Wat volgde mag gerust als ‘mijlpaal’ omschreven worden.
Het zwarte elastiekje mocht uit! De 10km grens werd met 11.5km ruim overschreden. Een belangrijke stap in de goeie richting. Komend weekend volgt opnieuw een test. Versnellingen!
Hopelijk kan ik dan opnieuw een positieve posting uit mijn mouw schudden.
Wat ik me afvraag…
Heeft überhaupt iemand dat elastiekje bemerkt?
I: 1195km - T: 1493km