« december 2008 | Hoofdpagina | februari 2009 »

januari 2009 Archieven

03 januari 2009

Een beetje pijn

Ann Wauters is door de Gazzetta dello Sport verkozen tot Europese speelster van het jaar. Voor de vijfde keer nota bene. Geen enkele basketbalspeelster deed haar dat ooit voor. Prachtig voor Ann, op zijn zachtst uitgedrukt gênant voor de jury van de Trofee voor Sportverdienste.

 

Ann  zelf blijft er rustig onder. Even komt ze nog terug op het niet uitreiken van deze – sindsdien totaal overbodige – trofee. “Als die jury zei dat er geen valabele kandidaten waren, deed dat toch ook bij mij wel een beetje pijn." (Het Belang van Limburg, 3/01/09, pag. 35).

 

Verwonderlijk?

05 januari 2009

Voorrecht

De overgang van 2007 naar 2008 mocht ik nog meemaken met en naast Lei. Lachend, grappend, grollend, plagend. Dat is het beeld van Lei dat me zal bij blijven, dat ik zal, ja mag koesteren. Ik leef deze dagen mee met iedereen die Lei graag zag: zijn kinderen, familie en nauwe vrienden voor wie Lei ontzettend veel betekende en in wie Lei zal blijven voortleven.  Het was zonder meer een voorrecht om Lei te mogen kennen: een zachte en warme man, met een enig groot hart. Authentiek, echt.

09 januari 2009

Stress

Of ik gestresseerd ben voor de wedstrijd van zondag, vroeg een leerling me gisteren op school. ‘Wedstrijd? Gestresseerd? Nu al? Nog niet, maar dat komt. Vanaf zondagochtend zal de druk ongetwijfeld toenemen. Met mate, maar toch’, antwoordde ik hem.

 

Eigenlijk is het vreemd. Ik zou toch beter moeten weten.  

 

Ik ben al zo dikwijls geconfronteerd geweest met de relativiteit van een overwinning, en evengoed met de relativiteit van een nederlaag. Ik weet beter dan wie ook dat winnen een momentopname is, dat de dag nadien al de finishlijn voor iedereen opnieuw even ver ligt. Dat verliezen het einde van de wereld niet is. Meer nog, dat een nederlaag dikwijls een nieuw begin is. En dat ondanks een titel een atleet maar zo goed is als zijn laatste wedstrijd.

 

Het aantal Belgische kampioenschappen dat ik in verschillende sportdisciplines als coach van een favoriet heb meegemaakt moet zo onderhand de kaap van de 100 overschreden hebben. Los dan nog van de keren dat ik met gerechtvaardigde ambities coach was op Europese kampioenschappen, wereldkampioenschappen, wereldbekerwedstrijden, Grote Prijzen, Ironmans, ja één keer zelfs op de Olympische Spelen. Als ik er goed over nadenk heb ik tijdens de laatste 20 jaar, in het zog van een aantal geweldige atleten,  van wedstrijd naar wedstrijd geleefd, de vier jaargetijden rond.

 

En desondanks toch nog stress! Hoe houdt mijn vrouw dat in godsnaam toch vol?

10 januari 2009

Eindpunt

Daarstraks heb ik samen met Sven de laatste training voor het Belgisch kampioenschap afgewerkt. Hij op zijn fiets op rollen, ik ernaast. Kwestie van de motor nog eens goed te laten draaien, zonder in het rood te gaan. Hiermee zal hij het morgen moeten doen. De laatste teerlingen zijn geworpen.

 

Hoewel Sven met veel vertrouwen toeleeft naar de wedstrijd is het voor hem duidelijk ook geen halszaak. Hij hoeft morgen zijn seizoen niet meer te maken met een zoveelste overwinning. Dit B.K. is eerder een tussenstap in de vele etappes die hij voor zich nog heeft uitgetekend.

 

Eén etappe is het wereldkampioenschap mountainbike van 2009. Nog tijdens zijn rollentraining bekeken en becommentarieerden we een DVD van het parcours in Australië: smalle wegen zonder extreme klauterpartijen, heel technisch ook met veel draaien en keren. Sven’s ogen glinsterden. Deze omloop is hem op het lijf geschreven. Even had ik zelfs de indruk dat hij minstens evenveel bezig is met dat wereldkampioenschap dan met de wedstrijd van morgen.

 

Eén ding is wel duidelijk. Wat er morgen ook van zij: het eindpunt is nog lang niet in zicht.   

13 januari 2009

1052

Iets meer dan 13 maanden geleden werd ik opgeschrikt door een krantenbericht dat de meervoudige ex-wereldkampioen motorcross Georges Jobé met de moto een verschrikkelijke val had gemaakt, ergens ver weg in de woestijn van Dubai. Een snelle interventie van een vriend redde hem het leven, maar de gevolgen bleven desastreus. Gedurende enkele dagen werd gevreesd voor een totale, blijvende verlamming.

 

Ik was Jobé’s trainer in 1991 en 1992, toen hij zijn laatste twee wereldtitels behaalde. Hiermee evenaarde hij met vijf wereldkronen de toen haast legendarische Eric Geboers. Georges’ laatste titel maakte hem bovendien voor de tweede keer Sportman van het Jaar. Tijdens die twee jaar dat we samenwerkten werd er een hechte vertrouwensband gesmeed, en ik leerde Georges kennen als een  gedreven topsporter, recht door zee, hard voor zichzelf en misschien ook wel voor anderen, maar onder alle omstandigheden eerlijk en korrekt in de omgang.

 

De contacten die we onderhielden na zijn actieve carrière verwaterden na een aantal jaren. Een kaartje met nieuwjaar en een sporadisch telefoontje, daar bleef het bij. Tot die haast fatale val, 13 maanden geleden dus. Ik bezocht Georges in het ziekenhuis, amper enkele dagen na zijn overbrenging naar België. Hij lag er vrij hulpeloos, maar strijdvaardig, bij. Bereid om tot het uiterste te gaan om maximaal mogelijk herstel te bekomen. Hij was opstandig tegenover de negatieve prognoses van zijn behandelende artsen en verplegend personeel, en, net zoals Marc Herremans jaren geleden in zijn strijd tegen zijn verlamming,  ontevreden met de kwantiteit en de kwaliteit van het aangeboden revalidatieprogramma. Zijn topsporterspirit en dito vechtersmentaliteit waren na al die tijd – gelukkig – nog intact. Bij mijn volgende bezoeken, in het ziekenhuis en nadien bij hem thuis in Retinne, zag ik hem evolueren. In juli was hij al in staat om een stevig stuk te wandelen.

 

Vorige week zag ik hem opnieuw. We gingen samen een stukje eten.  Weer was hij er een pak op vooruit gegaan. Zijn ogen glinsterden weer als vanouds in die krachtige karakterkop van hem. Hij sprak gedreven over zijn sport, over de tijd van toen, over de investeringen die nodig zijn om wereldkampioen te worden, over wat het betekent om 100 % voor zijn sport te leven. Over zijn nieuwe visie op het leven ook. ‘Maak je dromen waar’, zei hij me. ‘In één vingerknip kan het immers afgelopen zijn. Denk nooit dat het jou niet kan overkomen.  Sluit je af van al wie een negatieve impact op je heeft. Trek je op aan het positieve.’

 

Net voor ik afscheid nam toonde hij me nog fier de kilometerteller van zijn mountainbike. 1052 kilometer stonden aangegeven op het schermpje. 1052000 meter die hij verdiend had met iedere trap, ongetwijfeld veel moeizamer dan ik ook maar kan vermoeden.

 

Ik ga dat getal 1052 met me meenemen en een plaatsje geven naast het getal 185, het borstnummer van Marc Herremans toen hij in 2006 won in Hawaï. Twee getallen die staan voor twee fantastische verhalen, twee getallen die mij veel meer zeggen dan 1000 woorden.

 

Twee getallen die vooral helpen te relativeren, als het eens wat minder goed gaat.

24 januari 2009

Kerel

Ik denk dat Lars Boom een fervente ‘Eén-kijker’ is, en vooral dat hij houdt van ‘Vlees en bloed’. ‘Ik ben nogal ne keirel, hè’, zie ik hem toch denken.  Vóór, tijdens en na de cross.
Een kerel met branie, een kerel die zijn relatief povere wedstrijdresultaten van dit seizoen (tot nog toe amper 4 overwinningen) altijd zodanig wist te verpakken dat hij hoe dan ook de beste was. Veruit zelfs, of hij nu won, vierde of zestiende werd. Alleen als hij won ging hij echt voluit, of neen, zelfs ook dan niet. Soms ‘speelde’ hij wat met de tegenstand. Naar eigen zeggen dan toch.  De andere keren hield hij zich in. Het  was dan te steil, te snel, te vlak,  te kort, te lang. Te gevaarlijk ook wel. Of was hij net terug van stage. Eén forse lendenruk van Lars, of 5 pittige minuten, volstonden meestal voor een adoraat ‘waw’-geroep.
Lars haalt zijn schouders op voor de Belgen, voor het blok dat ze zullen vormen. Hij gelooft er niet in. Evenmin als ikzelf trouwens. Een wereldtrui is veel te veel waard om er niet voluit zelf voor te gaan, met het hakmes tussen de tanden, ongeacht de trui die je vóór, naast of achter je ziet. Daarover kunnen we het dan wel eens zijn.
Lars ziet zichzelf als torenhoog favoriet. Meer zelfs: wie doet hem wat?
Dat zal dan wel. Lars is inderdaad ‘ne keirel’. Ik hou wel van zijn stijl: zelfzekere lefgozer, een beetje spottend rondkijkend. Niet uit zijn lood te slaan. Een superatleet ook. En alleen daarom al superfavoriet.
Maar read my lips and hear my words: hij gaat het niet gemakkelijk krijgen. Ik ken hier ook een kerel die zich nooit beter voorbereidde op een wereldkampioenschap, die misschien voor de eerste keer in zijn carrière bereid was om andere prioriteiten te leggen in zijn wedstrijd- en trainingsplanning, helemaal in functie van die ene wedstrijd. Die daarom een heel seizoen tactischer reed dan ooit, meer focuste op een aantal objectieven en tijdens de voorbije maanden met meer verstand en overleg te werk ging dan voorheen. Die desondanks al zijn doelen tot nog toe heeft bereikt, die voor het eerst sinds lang misschien geen superfavoriet is,  en die daarom ontspannen kan en mag toeleven naar de hel van Hoogerheide.
Lars houdt er dus misschien best rekening mee dat Sven goed is. Hij trainde voor het eerst sinds lang nog eens voluit deze week. Op dinsdag nog bijna 180 kilometer, op woensdag nog pittig in het veld. Vrijdag stond de teller pas stil als hij de 100 kilometer was gepasseerd.  Volgende week volgt dan rustweek, om bij Adri Van der Poel topfit aan de start te verschijnen. Om dan keihard te kunnen knallen, daar  in het zuiden van Holland.
Morgen komt eerst de wereldbekerwedstrijd van Milaan nog aan de beurt. Ik weet niet of Sven de nodige frisheid zal hebben om er voor het podium te gaan. Dat is in dit stadium van het wedstrijdseizoen – voor hem althans - van minder belang.
Ikzelf zal er in Italië niet bij zijn. Even moet ik nu mijn aandacht richten op een andere kerel. Veel straffer dan Lars en Sven samen. Wie weet sta ik over een kleine 20 jaar zijn naam te schreeuwen langs het parcours.
Go Mathias, go!!!

30 januari 2009

Mislukte ego's

Ik denk dat ik milder ben geworden. Denken? Neen, ik ben er wel zeker van. Ik hou me immers afzijdig bij het partijtje moddergooien tussen van Kasteren, Roodhooft en Mettepenningen. En het dient gezegd, ze zijn er goed in. 

 

Wablieft? Ze excelleren in deze discipline. En dat is dan toch al iets. 

 

Zondag zit ik, in de aanloop naar het wereldkampioenschap veldrijden, met twee van deze heerschappen in de studio van Eén. Ik weet echter nog niet hoe lang. Als ze het te gortig maken stap ik op. Wielerminnend Vlaanderen verdient meer dan  wat droevig, stijlloos en respectloos geklets en geschop van een paar mislukte ego’s die zich belangrijker wanen dan de renners die ze vertegenwoordigen. 

Over januari 2009

Deze pagina bevat alle berichten gepubliceerd op Achter de Schermen in januari 2009. Ze zijn gerangschikt van oud naar nieuw.

december 2008 is het vorige archief.

februari 2009 is het volgende archief.

Er kunnen er nog veel meer gevonden worden op de hoofdindexpagina of door te kijken in de de archieven.

Aangedreven door
Movable Type Enterprise