A bloc
‘Mario Aerts blijft maar beter worden’ zei Cadell Evans vorige week nog. Evans is tevreden over Mario, blijkbaar zelfs meer dan tevreden. Cadell weet ook dat hij hem nog nodig zal hebben en op hem zal moeten kunnen rekenen, binnen een tweetal maanden in zijn verhoopte raid naar het geel over de Franse wegen. Want zonder die gasten die hem dag na dag in en naast het peloton uit de wind zetten, tempo maken achter ontsnapte concurrenten, regenvestjes en drinkbussen aandragen en hem keurig ‘afzetten’ aan de voet van de laatste klim, wordt het straks niks in Parijs.
Mario heeft zich ondertussen al enige tijd neergelegd bij zijn rol als meesterknecht. Misschien – waarschijnlijk zelfs – niet onverstandig. Hij is geen winnaar. De motor is trouwens net iets te klein om gelijke voet en wiel te houden met de grote kanonnen, als het er echt om gaat. De Waalse Pijl 2002 is ondertussen al (te) ver weg. Hoewel… Soms vraag ik me af hoe zou het zijn als hij drie renners rond zich zou hebben? Als hij geen trap teveel zou moeten geven vóór het begin van de finale?
Daarom hoop ik dat hij nu en dan nog eens voor zichzelf kan en mag rijden. Dat hij beloond zou worden voor zijn beroepsernst, voor zijn trainingsarbeid. Dat hij nog eens één keer boven zichzelf zou uitstijgen. Meeglijden in een goede ontsnapping, gebruik maken van dat ene moment van twijfel bij zijn vluchtgezellen…
Deze week rijdt hij de Ronde van Romandië. Zonder Evans, zonder uitgesproken kopman. Ik had hem net nog, vlak voor de start van de tweede rit, aan de telefoon. Zoals vóór zijn vertrek naar deze korte, maar zware rittenwedstrijd heb ik hem nog eens gevraagd om alles uit de kast te halen, aan te klampen zolang het kan, nooit toe te geven aan de neiging om zich ‘aan de kant te zetten’, als het niet meer gaat, als de benen op ontploffen staan. Om ‘à bloc’ te gaan in de tijdrit van morgen, niet echt zijn geliefde specialiteit.
Hij kan er alleen maar nog meer respect mee afdwingen. En dat kan helpen, als straks de nieuwe contractbesprekingen eraan komen.
Besnik Hasi bereikte woensdag een principeakkoord met Anderlecht over zijn nieuwe functie als assistent-coach, zo las ik vorige vrijdag in Het Nieuwsblad (HNB, Sportwereld 5). Hasi ziet zichzelf als de geknipte persoon. Hij heeft als speler heel wat ervaring, hij kent het huis, werkte in het verleden als speler al samen met Ariël Jacobs en hij spreekt heel wat talen! Dat kan tellen. En bovendien – hier komt het -
‘Eigenlijk is dat niets om fier over te zijn’ zei een bevriende arts – zelf een fervent sportbeoefenaar – me toen ik hem aan de telefoon zei dat ik vorige dinsdag tijdens een fietstraining gedurende meerdere minuten gereden had met een hartslag die schommelde tussen 182 en 187. ‘De leeftijd van 40 jaar is een scharnierpunt in een mensenleven. Ook voor getrainden. Van dan af zijn piekinspanningen sowieso uit den boze’ vervolgde hij. ‘En voor zover ik weet ben je dat punt al meer dan 10 jaar gepasseerd.’
Ik zag gisteren tegen de verschrikkelijk steile bosflanken in Wezemaal een goed ogende, sterke Sven Nys aan het werk. Hij straalde power, gezondheid, gretigheid en vooral enthousiasme uit. Voor de eerste keer sinds het einde van het veldritseizoen trainde hij voluit, wedstrijdgericht dus, met het oog op het Europese kampioenschap mountainbike van volgende zondag in Sankt-Wendel. Juist, net daar waar hij in 2005 zijn eerste en voorlopig enige wereldtitel veldrijden behaalde.
Ik heb daarstraks een vrij enthousiast telefoontje van Sven Nys gekregen vanuit Peking. Het was er om en bij de 28 graden, en niet al te vochtig. Sven had een kleine 2 uur rondgereden op het mountainbikeparcours van de Olympische Spelen. Korte hellingen, niet echt steil. Enkele moeilijke, technische afdalingen met uitstekende rotsblokken. Veel draaien en keren, voldoende recuperatiemogelijkheden.
Het invullen van whereabouts, ‘out of competition’ controles, het fabriceren van plasjes onder toeziend oog, al dan niet van het andere geslacht, het afleveren van bloedstalen, nachtelijke invallen, het doorzoeken van vuilnisbakken, wagens en sporttassen: als het van wetenschappers in Engeland en Vlaanderen afhangt valt deze voorkeursbehandeling niet langer exclusief ten deel aan sportlui allerhande. Want: ook studenten slikken, en niet weinig.
Lange tijd begreep ik niks van voetbaltrainers, de hoogspringers van het trainersgild, afstevenend op een finale met een nulsprong. Eén dan toch. De tweede en de derde is hen niet gegund.